Enquête ervaren regeldruk van de Tweede Kamer

De Tweede Kamercommissie voor Economische Zaken en Klimaat (EZK) wil weten hoe ondernemers regeldruk ervaren, en vooral wat er beter kan. De commissie vraagt ondernemers daarom hun ervaringen te delen via een enquête. De resultaten gebruikt de commissie om op donderdag 1 november 2018 te vergaderen met staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken over de regeldruk voor ondernemers.

Positief signaal toch?

Zeker. Het afgelopen jaar is er in de media veel aandacht geweest voor de hoge ervaren regeldruk. Bij de acties in de zorg, het onderwijs en door de politie is vermindering van regeldruk steeds een belangrijk speerpunt. Wij zien in onze projecten ook dat mkb’ers en zzp’ers de regeldruk nog altijd als hoog ervaren en niet kunnen of durven te investeren door het woud van regels.

Het is dus positief dat de Tweede Kamer zich openstelt voor deze signalen en zich wil inzetten om Nederland ondernemervriendelijk te maken.

Waarom is dit dan toch een opvallende stap?

Branche- en ondernemersorganisaties dringen al jaren bij het kabinet aan op verlaging van de regeldruk. De kabinetten Balkenende en Rutte hebben hieraan invulling gegeven door de ministeries concrete doelstellingen mee te geven om de regeldruk te verminderen. Het ministerie van EZK heeft de taak om de voortgang bij het terugdringen van regeldruk te monitoren en informeert de Tweede Kamer periodiek hierover.

Ook werden er diverse programma’s gestart om knelpunten bij de ministeries aan te kaarten. Denk hierbij aan de mogelijkheid om signalen af te geven bij het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR), het programma Ruimte in Regels voor groene groei en de maatwerkaanpak regeldruk bedrijven. Ook over de resultaten van deze initiatieven wordt periodiek gerapporteerd.

De Tweede Kamer zou na meer dan een decennium intensieve aandacht voor vermindering van regeldruk en alle initiatieven gericht hierop, een goed beeld moeten hebben van de stand van zaken. De noodzaak om een enquête te houden, suggereert echter het tegengestelde: de Tweede Kamer voelt zich niet goed geïnformeerd. En dat is opmerkelijk.

Gaat deze enquête dan iets opleveren?

Nee… en ja! ‘Nee’ omdat regeldruk een complex begrip is dat door individuele ondernemers, door u, wellicht lastig kan worden ingevuld. En ‘ja!’ omdat het probleem weldegelijk actueel is en zeker niet in belang afneemt.

Drie facetten verklaren waarom regels als vervelend worden ervaren: het is lastig om eraan te voldoen (werkbaarheid), de meerwaarde is niet duidelijk (ervaren nut) en/of het is duur om eraan te voldoen (kosten). Er is echter een vierde facet dat vaak over het hoofd wordt gezien: stapeling.

Het samenspel van de regels zorgt ervoor dat ondernemers elke week, dag in dag uit rekening moeten houden met regels en verplichtingen. Dit zorgt voor ergernis, moedeloosheid en hoge kosten. Niet omdat die ene regel nou zo lastig is, maar door de stapeling van alle regels. Een ondernemer kan daarom vaak niet goed aangeven welke regel hem of haar precies dwars zit, het gaat om het keurslijf dat de regels gezamenlijk vormen.

De resultaten van de enquête geven de Tweede Kamer mogelijk niet het gewenste inzicht in de problemen die ondernemers graag opgelost willen zien. Maar met de enquête kunnen ondernemers wel een belangrijk signaal afgeven.

Dus ik moet de enquête invullen?

Jazeker! Ook als u niet precies uw vinger kunt leggen op de reden waarom u af en toe moedeloos wordt van de regels. Met de enquête kunt u rechtstreeks aan de Kamer duidelijk maken dat er iets moet gebeuren aan belemmerende regelgeving.

Kortom: bent u ondernemer uit het midden- en kleinbedrijf, een zzp’er of bezig met het starten van een bedrijf? Deel uw ervaringen met de Tweede Kamerleden. Dat kan door uiterlijk maandag 15 oktober 2018 de enquête in te vullen.

https://www.tweedekamer.nl/commissies/ezk/deel-nu-uw-ervaringen-over-regeldruk

Regeldruktoets wijziging WGBO

Voor het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft Sira Consulting de regeldrukeffecten van de wijziging van de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO) getoetst. De WGBO heeft betrekking op de relatie tussen patiënt en hulpverlener en omschrijft hun rechten en plichten. De WGBO wijzigt op drie onderdelen.

Beter overleg tussen hulpverlener en patiënt

De eerste wijziging van de WGBO betreft de relatie tussen hulpverlener en patiënt. De huidige regels lijken te impliceren dat de hulpverlener de patiënt alleen hoeft te informeren over het voorgenomen onderzoek, de behandeling en de gezondheidstoestand van de patiënt. De wijziging verduidelijkt dat de hulpverlener de patiënt niet alleen moet informeren, maar dat zij met elkaar in gesprek moeten. Zo kunnen zij samen een goede afweging maken van de mogelijkheden en alternatieven.

Langere bewaartermijn van het medisch dossier

De tweede wijziging van de WGBO gaat over het de bewaartermijn van het medisch dossier van overleden patiënten. Deze wordt verlengd van 15 naar 20 jaar. Ook wijzigt het aanvangsmoment van de bewaartermijn.

Inzagerecht voor nabestaanden in het medisch dossier

De derde wijziging van de WGBO maakt het inzagerecht voor nabestaanden en voormalig vertegenwoordigers in het medisch dossier van overleden patiënten eenvoudiger en overzichtelijker. In de huidige situatie kan een hulpverlener op basis van beroepsgeheim meestal geen inzage geven in het medisch dossier van een overleden patiënt. Met de voorgenomen wetswijziging kan inzagerecht worden verkregen als:

  • De overleden patiënt bij leven schriftelijk of elektronisch toestemming heeft gegeven voor inzage na overlijden .
  • De nabestaande op grond van de Wkkgz een mededeling van een zorgaanbieder heeft ontvangen dat een incident heeft plaatsgevonden.
  • De nabestaande een zwaarwegend belang heeft bij inzage en aannemelijk kan maken dat dit belang wordt geschaad.

Het rapport met de resultaten van de regeldruktoets is te raadplegen via de onderstaande link:

Nieuwe en gewijzigde wetten en regels per 1 juli 2018

Per 1 juli 2018 treden enkele nieuwe en gewijzigde wetten en regels in werking. Hieronder lichten we een beknopte selectie nader toe. Op SC online is een totaaloverzicht beschikbaar met alle veranderingen per 1 juli 2018.

Terugvorderen staatssteun

Met de nieuwe Wet terugvordering staatssteun krijgen overheden de mogelijkheid om onrechtmatige staatssteun terug te vorderen. Overheden mogen van de Europese Commissie (EC) in principe geen staatssteun verlenen, tenzij de steun voldoet aan de voorwaarden uit de staatssteunregels.

Er is sprake van staatssteun als een overheid een onderneming met staatsmiddelen een niet-marktconform voordeel geeft ten opzichte van andere ondernemingen. Het gaat niet alleen om subsidies, maar ook om de verkoop van grond onder de marktwaarde, het kwijtschelden van schulden of het verstrekken van een lening tegen een niet-marktconforme rente.
Als de EC, het Europees Hof van Justitie of de nationale rechter constateert dat een overheid ten onrechte staatssteun heeft verleend, dan moet de overheid de verleende steun terugvorderen.

Tot voor kort bleek de Nederlandse regelgeving niet toereikend om aan deze eis te voldoen. De nieuwe wet biedt de benodigde grondslagen en geeft overheden de mogelijkheid in alle gevallen onterecht verleende staatssteun terug te vorderen.

Gasaansluitplicht voor nieuwbouw geschrapt

Huizen die worden gebouwd na 1 juli 2018, hoeven niet automatisch meer te worden aangesloten op het gasnetwerk. De Tweede Kamer heeft via een amendement op de Wet voortgang energietransitie de gasaansluitplicht voor kleingebruikers bij nieuwbouw geschrapt. Omdat netbeheerders enkel wettelijke taken mogen uitvoeren, functioneert deze wetswijziging als een verbod op aardgas bij nieuwbouw.

Gemeenten mogen enkel nog besluiten om vanwege zwaarwegende redenen van algemeen belang nieuwe woningen aan te sluiten op gas.

Overig

Daarnaast zijn per 1 juli nog veel andere (kleine) wijzigingen doorgevoerd. Zo mogen politieagenten eerder fouilleren, zijn niet alle VOG’s meer geldig voor de inschrijving in het Personenregister kinderopvang en worden overheidswebsites toegankelijker voor personen met een beperking.

Regeldruk erkenningsregeling installateurs in kaart

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) heeft in 2015 het rapport ‘Ongevallen met koolmonoxide’ gepubliceerd. Hierin concludeert de OvV dat het gros van de ongevallen als gevolg van koolmonoxidevergiftiging wordt veroorzaakt door handelen of het nalaten van handelen door installateurs van verbrandingstoestellen. De OvV stelt in het rapport dat ingrijpen door de Rijksoverheid gewenst is.

Erkenningsregeling installateurs

Naar aanleiding van dit rapport overweegt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) een wettelijk verplichte procescertificering voor installatiebedrijven en installateurs in te voeren. In de voorgenomen situatie mogen werkzaamheden aan gasverbrandingstoestellen en bijbehorende luchttoevoer en rookgasafvoer alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die daarvoor gecertificeerd zijn conform een erkend schema. Dit betekent bijvoorbeeld ook dat eigenaren niet meer zelf mogen sleutelen aan hun cv-ketel.

Regeldruk van de erkenningsregeling

Sira Consulting heeft in opdracht van het ministerie van BZK de regeldrukeffecten in kaart gebracht van de erkenningsregeling. Het onderzoeksrapport is te downloaden via de onderstaande link:

Handreiking verminderen regeldruk door gemeenten gepubliceerd

In samenwerking met VNG Realisatie heeft Sira Consulting de ‘Handreiking verminderen regeldruk door gemeenten’ opgesteld. Deze handreiking is bedoeld voor iedereen die op praktische wijze invulling wil geven aan het verminderen van regeldruk in de maatschappij en het aantrekkelijker maken van het woon- en leefklimaat.

Handreiking verminderen regeldruk

De steeds sneller veranderende maatschappelijke en technologische ontwikkelingen vragen om een overheid die in staat is heldere spelregels te formuleren en tegelijkertijd wendbaar en flexibel te zijn om ondernemers en inwoners ruimte te bieden om op deze kansen en ontwikkelingen in te spelen. Het betere beleid van gemeenten gaat precies om dit uitdagende spanningsveld: het ontwikkelen van regelgeving die publieke belangen borgt, zonder dat dit tot onnodige kosten en belemmeringen leidt voor ondernemerschap, innovatie en burgerinitiatieven.

De ‘Handreiking verminderen regeldruk’ helpt beleidsmakers, juristen, uitvoerders, handhavers, etc. om aan de hand van vier stappen bestaande regelgeving en uitvoeringsprocessen te evalueren en te herijken op nut, noodzaak en effectiviteit. Bijvoorbeeld door het afschaffen van bepaalde vergunningen, procedures te versimpelen en de dienstverlening te verbeteren.

Rol van Sira Consulting

Wij ondersteunen onze opdrachtgevers bij het oplossen van knellende regelgeving op allerlei gebieden zoals zorg, onderwijs, verkeersveiligheid, bouwen en wonen. Voorbeelden van door ons gehanteerde methoden zijn beleids-en subsidievaluaties, klantreizen en impactonderzoeken. Na gedegen vooronderzoek, onderzoeken we samen met opdrachtgevers en belangrijke stakeholders hoe wetten, regels en procedures geoptimaliseerd kunnen worden, zodat beoogde effecten uiteindelijk werkelijkheid worden.

Monitor ervaren regeldruk in de medisch specialistische zorg

In opdracht van het Zorginstituut Nederland  ontwikkelde Sira Consulting een herhaalbare meetmethode om de ervaren regeldruk veroorzaakt door transparantie binnen de medisch specialistische zorg in kaart te kunnen brengen.

Regeldruk door kwaliteitsindicatoren

Het Zorginstituut stimuleert met behulp van kwaliteitsindicatoren en informatiestandaarden continue kwaliteitsverbetering in de gezondheidszorg en toegankelijke en betrouwbare kwaliteitsinformatie. De kwaliteitsindicatoren veroorzaken veel regeldruk. Daarom is er een maximumkader voor deze indicatoren, met als doel de regeldruk te beperken. Dit kader beperkt de regeldruk maar voor een deel. De ene indicator is qua belasting de andere niet en bovendien hangen de ervaren lasten samen met het belang dat men aan een indicator hecht voor eigen gebruik.

Om die reden gaf het Zorginstituut opdracht voor een onderzoek dat de objectieve en ervaren lasten en opbrengsten meet voor de medisch specialistische zorg. De ervaren lasten en opbrengsten zijn gemeten vanuit het perspectief van zorgprofessionals: medisch specialisten, verpleegkundigen en kwaliteitsfunctionarissen. Op basis hiervan is een monitor ontworpen die de ontwikkeling van de ervaren lasten en opbrengsten meet én aanknopingspunten identificeert voor lastenvermindering. Het Zorginstituut Nederland is voornemens om de monitor tweejaarlijks uit te voeren.

Resultaten onderzoek

Het eindrapport van Sira Consulting bevat een korte introductie van het onderwerp met aandacht voor de perspectieven van de verschillende samenwerkingspartners, de resultaten van de pilotstudie en de aanbevelingen voor regeldrukvermindering. Daarnaast is ook een handleiding voor de monitor uitgewerkt.

Rol Sira Consulting

Sira Consulting heeft alle aspecten van de gegevensverzameling verzorgd, waaronder een pilotstudie bij 17 zorginstellingen met 51 zorgprofessionals. Tijdens de pilotstudie zijn interviews afgenomen om de begrijpelijkheid, consistentie, validiteit en gebruiksvriendelijkheid van de vragenlijst te evalueren. Vervolgens is de monitorvragenlijst iteratief doorontwikkeld.

Sira Consulting is gespecialiseerd in het optimaliseren van uitvoering en processen. Het doel daarbij is om uitvoeringsprocessen zo efficiënt en effectief mogelijk te laten verlopen. Dit leidt tot lage uitvoeringskosten, vermindering van regeldruk en betere dienstverlening, zonder dat dit ten koste gaat van het doel van het proces.

Sira Consulting ondersteunt sociale onderneming Talentfabriek010

Sira Consulting heeft in het jaar 2017 de sociale onderneming Talentfabriek010 in Rotterdam ondersteund. Talentfabriek010 is een sociale onderneming met als doelstelling Rotterdammers met een afstand tot de arbeidsmarkt een omgeving te bieden waarin zij hun talenten kunnen ontwikkelen, aan hun netwerk kunnen werken en arbeidsvaardigheden kunnen opdoen, zodat zij in staat zijn die afstand zelf kleiner te maken. Dat doet de Talenfabriek 010 door in de wijken met een laag opleidingsniveau en hoge werkloosheid wijkateliers te starten waar Rotterdammers laagdrempelig terecht kunnen.

Talentfabriek010 loopt tegen belangrijke knelpunten aan. Ten eerste zet de gemeente Rotterdam veel van de gemeentelijke aanbestedingen uit bij grote landelijke bedrijven en organisaties, terwijl lokale initiatieven deze ook prima zouden kunnen invullen. De gemeente heeft nog onvoldoende zicht op lokale sociale ondernemers. Ten tweede weten Rotterdamse bedrijven die een gedeelte van hun gewonnen aanbesteding verplicht maatschappelijk moeten investeren, vaak niet dat ze dit in directe samenspraak met sociale ondernemers kunnen doen.

Vanuit een maatschappelijke verantwoordelijkheid heeft Sira Consulting de belofte uitgesproken vijf goede doelen te ondersteunen in 2017, waaronder Talentfabriek010. Sira Consulting heeft daarom in samenwerking met de Talentfabriek010 een plan van aanpak opgesteld om een bestaand online platform verder te professionaliseren, zodat gemeente en bedrijven beter zicht krijgen op welke sociale ondernemers er lokaal actief zijn. Daarnaast stelde Sira voor om een workshop te houden waarin andere knelpunten worden geïnventariseerd en waar bewustzijn wordt gecreëerd over de mogelijkheden van onderhands aanbesteden.

Bij de gemeente Rotterdam leeft het onderwerp van aanbesteden en sociaal ondernemerschap al volop. De gemeente Rotterdam heeft daarom ook in het najaar van 2017 een actieplan ‘sociaal ondernemen 2017-2018’ gepresenteerd, waarin de belangrijkste behoeften van Talentfabriek010 en verschillende acties daaraan gerelateerd worden benoemd. In 2018 zal de verdere uitwerking en implementatie daarvan plaatsvinden, op nauwe voet gevolgd door Talentfabriek010. Inmiddels heeft de gemeente Rotterdam een experiment gedaan met het uitschrijven van een lokale tender.

Aanvullend hierop heeft Sira Consulting de behoeften van Talentfabriek010 kracht bijgezet. Dit heeft zij gedaan door middel van een gesprek met gemeenteambtenaren en Talentfabriek010, het presenteren van een eigen plan van aanpak met inhoudelijke voorstellen, en het doorlopend contact met de gemeente Rotterdam.

Sira Consulting zet de bloemetjes buiten tijdens NLdoet

De medewerkers van Sira Consulting hebben de handen flink uit de mouwen gestoken in het kader van NLdoet 2018, de landelijke vrijwilligersactie van het Oranje Fonds. Op 9 maart gaf het team van Sira Consulting acte de présence in verpleeghuis Careyn Swellengrebel in Utrecht, waar zorgteams verpleeghuiszorg en dagverzorging op maat bieden aan bewoners met uiteenlopende zorgbehoeftes. Swellengrebel is onderdeel van Careyn, een zorgorganisatie met een breed aanbod van diensten op het terrein van wonen, welzijn en zorg in de provincies Noord-Brabant, Utrecht en Zuid-Holland.

Om de leefomgeving van de verpleeghuisbewoners op te fleuren, zijn verschillende klussen uitgevoerd. Zo is het altaar in de kerk geschuurd en voorzien van een nieuwe laag verf. Daarnaast zijn de balkons en het terras schoongemaakt en ingericht. Verder zijn samen met bewoners nieuwe bloempotten gevuld met aarde en mooie planten. Het resultaat mag er zijn. De sfeer in de kerk heeft een positieve impuls gekregen en de bewoners kunnen volop genieten van de opgefriste buitenruimte. Een prima timing, met het voorjaar in het nabije vooruitzicht. Zie hieronder de fotoreportage voor een impressie van de uitgevoerde klussen.

Sira Consulting is een maatschappelijk betrokken organisatie en vindt het belangrijk om dit ook tot uitdrukking te brengen in haar activiteiten. Dit past bij een onderzoeks- en adviesbureau dat bij het uitvoeren van projecten graag alle belanghebbende partijen betrekt en met de voeten in de klei staat. De deelname aan NLdoet staat daarom niet op zich. Ook op andere manieren wordt de daad bij het woord gevoegd en een directe bijdrage geleverd aan maatschappelijke vooruitgang. Sira Consulting investeert bijvoorbeeld in meerdere goede doelen.

sdr

Gemeenteraadsverkiezingen in het nieuws: maart

Binnenkort vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. In aanloop naar deze dag verzamelt Sira Consulting de belangrijkste feiten en ontwikkelingen. Hierbij deel 3: maart.

De verkiezingsprogramma’s zijn inmiddels gepubliceerd, de posters hangen en er wordt gedebatteerd. Maar wat zijn eigenlijk de belangrijkste thema’s van de aankomende gemeenteraadsverkiezingen? Kijkend naar de G4 gemeenten en twaalf andere grote gemeenten verdeeld over Nederland komen de volgende thema’s in de verkiezingsprogramma’s van de zes grootste partijen het sterkst terug.

Regeldruk

Vooral de VVD, D66 en het CDA vinden de vermindering van regeldruk belangrijk. De verschillende partijen gaan vooral in op de regeldruk voor het MKB. Ondernemers moeten volgens de lokale partijen minder belemmeringen ervaren door regels en meer vrijheid krijgen. Een voorbeeld hiervan is dat winkeliers zelf hun openingstijden bepalen. Een aantal partijen wil regelluwe initiatieven ook stimuleren in zowel het sociale domein (in de vorm van regelarme bijstand) als het economische domein (in de vorm van freezones, waarbij regels soepeler zijn en burgers de ruimte krijgen om eigen initiatieven te realiseren). Daarnaast vindt een aantal partijen de evaluatie van nieuwe regels belangrijk. Alleen bij een positieve evaluatie blijven de regels in werking. Op die manier is er volgens hen minder sprake van verouderde en overbodige regels.

Tegenprestatie bij bijstandsuitkering

In alle gemeenten speelt de bijstandsuitkering een rol. Vaak gaat het om de vraag of een verplichte tegenprestatie door bijstandsgerechtigden in de vorm van bijvoorbeeld vrijwilligerswerk gewenst is. VVD en CDA zijn hier groot voorstander van. PvdA, GroenLinks en SP zijn in de meeste gemeenten tegen de tegenprestatie en vinden voornamelijk dat mensen die werken, ook een normaal salaris verdienen.

Autovrije of autoluwe binnenstad en milieuzones

Rotterdam, Amsterdam, Utrecht en Leiden buigen zich over de vraag of het een goed idee is om de binnenstad autovrij dan wel autoluw te maken. Daarnaast speelt de uitbreiding of invoering van een milieuzone bij alle G4-gemeenten een rol. Dit om vervuilende auto’s, busjes of vrachtwagens te weren uit de (binnen)stad. De lokale partijen van GroenLinks willen beide ideeën graag realiseren, in tegenstelling tot de lokale VVD-partijen. De resterende partijen wisselen per gemeente van mening.

Directere democratie

Bij het thema directe democratie is de discussie of je burgers vaker of juist minder vaak om hun mening moet vragen, bijvoorbeeld via referenda. De lokale SP-partijen willen graag dat er (meer) referenda plaatsvinden om de burgers om raad te vragen. In tegenstelling tot CDA en VVD, zij vinden vaak dat de burgers genoeg inspraak hebben door middel van het kiezen van hun vertegenwoordigers in de gemeenteraad.

Cameratoezicht

Een belangrijke vraag is of er meer cameratoezicht moet komen, bijvoorbeeld op plaatsen waar veel overlast is of in de binnenstad. D66 en GroenLinks zien weinig in dit voorstel en zijn van mening dat het middel niet effectief genoeg is. De achterliggende vraag is of de burgers hun privacy willen opgeven voor meer veiligheid en of deze veiligheid daadwerkelijk gerealiseerd wordt.

Ruimtelijke plannen

Over de ruimtelijke plannen rijzen de vragen of de bouw van meer sociale huurwoningen wenselijk is, of er windmolens mogen komen en of woningbouw de plaats van groen in mag nemen. Daarnaast zijn GroenLinks en SP, in alle gemeenten met een vliegveld in de omgeving, tegen een eventuele uitbreiding van het vliegveld. De andere partijen wisselen hierover lokaal van mening.

21 maart 2018

Op woensdag 21 maart 2018 vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. Daarna weten we op welke thema’s de focus ligt en welke richting de gemeenten op gaan in de nieuwe periode.

Bronnen:
stemwijzer.nl, mijnstem.nl, kieswijzer.nl en kieskompas.nl
– verkiezingsprogramma’s lokale partijen

De MKB-test gaat van start

De MKB-test gaat van start. Donderdag 22 februari gaf Mona Keijzer aan dat het eerste dossier is aangemeld om te starten met de MKB-test. “Alles is er gereed voor”, aldus de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat.

Regeldruk komt hard aan bij het MKB

In Nederland maakt 99,8 procent van alle ondernemingen onderdeel uit van het MKB, aldus CBS. Midden- en kleinbedrijven zijn hiermee de ruggengraat van de Nederlandse economie. Voormalig minister van economische zaken Henk Kamp signaleerde ruim een jaar geleden al dat door een gebrek aan capaciteit de regeldruk juist het zwaarst drukt bij de kleine ondernemingen. Het voldoen aan wettelijke verplichtingen en het monitoren van veranderingen in wet- en regelgeving is voor hen een grote uitdaging.

Meer aandacht voor het MKB

In verhouding tot grotere ondernemingen hebben MKB vaak niet de ruimte, de tijd en het personeel om zich te verdiepen in huidige en toekomstige regelgeving. Met de komst van de MKB-test wordt er in het beleidsproces meer aandacht besteed aan de effecten van regelgeving op het MKB. Dit moet de positie van het MKB versterken.

De MKB-test: door en voor ondernemers

Tijdens het algemeen overleg ‘Ondernemen en Bedrijfsfinanciering’ liet staatssecretaris Mona Keijzer weten dat de opzet van de MKB-toets tot stand is gebracht samen met MKB Nederland en Ondernemend Nederland,. Tevens bevestigde de staatssecretaris dat er tijdens het uitvoeren van de MKB-test gewerkt gaat worden met panels die bestaan uit ondernemers van midden- en kleinbedrijven. De MKB-test zal worden toegepast bij alle beleidswijzigingen met substantiële gevolgen voor het MKB.

Dossiers: thuiskopievergoeding en Winkeltijdenwet

De staatssecretaris kondigde aan dat het eerste dossier voor de MKB-test inmiddels is aangemeld. Het eerste dossier waarbij de MKB test wordt uitgevoerd is de Thuiskopievergoeding. Ook gaf de staatssecretaris aan dat bezien zal worden of de MKB test ook bij de herziening van de Winkeltijdenwet kan worden uitgevoerd.